Home  /  Over Zottegem en haar bestuur  /  Achter de schermen  /  Dag tegen kanker - Dubbelinterview met Annelies en Caroline

28 aug 2024

Dag tegen kanker - Dubbelinterview met Annelies en Caroline


Jaarlijks krijgen meer dan 10 000 vrouwen te horen dat ze borstkanker hebben. Kanker dragen zij nooit alleen, dat bewijzen we extra hard op de Dag tegen Kanker op donderdag 17 oktober. We spreken met Annelies Ribbens die borstkanker overwon en Caroline Saverwijns, borstverpleegkundige sinds 2015 in het AZ Sint-Elisabeth. Een verhaal over een rollercoaster aan emoties, maar waar positiviteit altijd de bovenhand nam!

ANNELIES

Enthousiaste leerkracht, kreeg in 2022 borstkanker

CAROLINE

Al 9 jaar borstverpleegkundige in AZ Sint-Elisabeth Zottegem

Annelies, wat waren de eerste gedachten na het horen van de diagnose?

ANNELIES: Toen ik de diagnose op 3 maart 2022 kreeg, was het eerste gevoel lichte paniek. Ik was eigenlijk wel al voorbereid op het slechte nieuws. Ik had iets gevoeld in mijn borst en was voor iets anders bij de huisarts. Ik had iets gevoeld in mijn borst en vroeg hem dat ook even te controleren. Hij heeft dan doorverwezen naar de echo en van daar ging het naar de biopsie in het ziekenhuis. Dan moest ik de resultaten afwachten en had ik mij toch al voorbereid op het slechtste. Ik denk dat dat het beste is dat je kan doen, het kan alleen maar beter nieuws zijn. Helaas was het dus geen goed nieuws. Die dag zelf nog zijn we bij de gynaecoloog gegaan en vrijdag belde Caroline mij al op om de behandelingen en onderzoeken te bespreken. Alles ging echt heel snel!

Wanneer heb jullie elkaar dan voor het eerst ontmoet?

CAROLINE: De week na haar diagnose ontmoette in Annelies al. Wij spelen heel kort op de bal, zo wordt er meteen een afspraak gemaakt bij de dokter waar ik dan ook bij aanwezig ben. Na dat gesprek bij de dokter vang ik alle patiënten op, want ik merk dat zij niet alles goed begrijpen omdat ze soms overweldigd zijn. Ik vertel ook meteen dat ze altijd bij mij terecht kunnen met hun vragen, zo bieden we als borstverpleegkundigen een vangnet.

ANNELIES: Ik werd opgevangen door Rosanne, de gepensioneerde collega van Caroline. Zelfs bij stomme dingen zoals het regelen van een afspraak voor een pruik, ging zij me meteen ontlasten.

CAROLINE: Het is niet dat wij grote dingen doen, maar het zijn die kleine dingen die het verschil maken. Ik probeer te doen voor al mijn patiënten, wat ik graag zou hebben dat ze voor mij doen. Ik vind dat echt belangrijk en ik ben er soms een beetje te gedreven in. Ik ben er mee bezig en dan blijft er wel eens een verhaal hangen, soms ook met verdriet. Met sommige patiënten bewandel ik een weg van tien jaar, dat is geen patiënt-verpleegkundige relatie meer. Dat is iets meer.

Caroline was de tweede mama in het ziekenhuisverhaal.

Annelies

Annelies, waarschijnlijk werd jouw leven ook helemaal overhoop gegooid?

ANNELIES: Ik heb twee zonen, toen waren zij 1,5 en 4,5 jaar, dus het al hevig thuis. Je leven staat op dat moment echt eventjes op pauze, je wordt geleefd. Ik was wel gerustgesteld als ik bij de oncoloog mocht gaan en de resultaten wist, want het wachten op resultaten vond ik het ergste van de hele behandeling. Eens ik dat wist, ben ik er meteen voor gegaan met een positieve instelling. Die vijf maanden hebben ik dan echt doorgeleefd. Ik heb gelukkig ook een lieve man die mijn kinderen goed heeft opgevangen. Ook met mijn familie en schoonfamilie waren we echt super close. En ook onze vrienden die eten kwamen brengen of onze kinderen eens meenamen voor een activiteit mee te doen. In die periode leer je wel echt je vrienden en dichtste familie kennen. Eeuwig dankbaar voor, want het was pittig!

Annelies, welke rol heeft Caroline in jouw verhaal gespeeld?

ANNELIES: Zij was de geruststelling en de warme stem, een soort tweede mama in het ziekenhuisverhaal. Je mag haar altijd bellen voor de kleinste dingen. Zij ging dan meteen zaken navragen bij de dokter maar ik kon ook bij haar terecht voor het niet-medische. Ik kon alles aan haar kwijt op een laagdrempelige manier.

CAROLINE: Ik ben inderdaad het aanspreekpunt samen met mijn collega-borstverpleegkundige, Jolien. Als ik iemand ontmoet zal ik altijd zeggen domme vragen zijn er niet, lastige vragen zijn er niet. Ik ben hier om jou te helpen. Ik vind het belangrijk dat patiënten weten dat ik bereikbaar ben, want soms blijven er vragen hangen die ik onmiddellijk kan oplossen.

ANNELIES: Dat geeft meteen een gevoel van geruststelling, bijvoorbeeld bij bepaalde bijwerkingen kan zij meteen aangeven dat het bij de behandeling hoort. Zo verkleurden mijn nagels of begonnen mijn vingertippen te tintelen, dan haalde zij meteen een soort verstevigende lak. Het zijn die kleine dingen, die een groot verschil maakten. Zij doorbrak echt de sleur van aan de chemo hangen en het wachten. Doorheen de behandeling is er ook echt een vriendengroep ontstaan, we noemen onszelf de bende van ellende. Daardoor kwam ik eigenlijk ook graag.

CAROLINE: Ik denk dat jij voor veel patiënten echt een inspiratie was. Jij straalt zoveel positiviteit en enthousiasme uit. Als het eens moeilijk gaat, ging jij iedereen blijven motiveren om ervoor te gaan. Jouw laatste chemo was echt feest, de hele kamer was versierd!

ANNELIES: Die laatste chemo is wel niet kunnen doorgaan, mijn bloedwaarden waren niet goed. Ik had toen cupcakes mee, maar we hebben het toch gevierd hoor! De week nadien was dan effectief mijn laatste chemo. Ik probeerde dus inderdaad positief te blijven, maar ik was dat voor mijn ziekte ook al. Ik ben wel blij dat ik positief gebleven ben en dat ik dan inderdaad onbewust anderen er heb kunnen doorsleuren!

Caroline, wat zijn voor jou als verpleegster de uitdagingen om met kankerpatiënten om te gaan?

CAROLINE: Ik vind het belangrijk om de hoop niet weg te nemen, maar wel eerlijk zijn en te zeggen waar het op staat. We hebben als borstverpleegkundige wel een beetje het ‘geluk’ dat de kans op genezing zeer groot is, het is dus vaak een positief verhaal. Er is sowieso wel een leven voor en een leven na, de gemoedsrust van iemand verdwijnt en de angst blijft hangen. Er zit constant een soort duiveltje in je achterhoofd, dat wordt wel beter naarmate je verder van je diagnose gaat. Als je daarna iets aan je borst voelt, zal je meteen van het slechtste uitgaan. Die angst hangt er altijd wel een klein beetje in, maar het is belangrijk om die angst niet te laten domineren. Ik zeg van in het begin, je hebt geen goede diagnose maar we gaan voor genezing.

ANNELIES: Die woorden doen echt veel! De oncoloog en jij zeiden dat en dat bleef in mijn hoofd zitten!

CAROLINE: We gaan niet liegen tegen een patiënt, want valse hoop is ook niet oké. We moeten wel hoop geven natuurlijk. Ik zeg er altijd bij als er nabehandeling of chemo volgt, dat het een jaar is om uit je agenda te scheuren. Het gaat geen weg over rozen zijn, het gaat moeilijk zijn, maar we gaan voor genezing. Als je weet waarvoor je het doet, is het denk ik ook makkelijker te dragen

Annelies, toen je te horen kreeg dat het oké was, heb je dat samen met Caroline doorlopen?

ANNELIES: Ik heb vijf maanden chemo gehad en mijn laatste chemo was begin augustus. 25 augustus heb ik mijn dubbele amputatie en reconstructie gehad, maar dan was ik daar eigenlijk niet meer zo mee bezig. Ik heb het BRCA1-gen en ik heb één brost preventief laten verwijderen. Ook op die momenten lopen Caroline en haar collega Jolien daar rond, dat voelt heel gemoedelijk.

CAROLINE: Wij proberen aanwezig te zijn bij alle cruciale momenten: de diagnose, dag van operatie, de eerste consultatie bij de oncoloog voor de nabehandeling, de start van hun therapie… Elke therapie spring ik eens binnen, en dat is vaak met een lach een traan. Maar vaak vooral met een lach. Het is echt een verhaal met hoogtes en laagtes waar je door moet. Je moet het niet minimaliseren, het is echt heel heftig. Je begrijpt maar wat het is, als je er zelf doorgaat. Ik ben daar zeer nederig in, want ik weet niet wat het met mij zou doen. Ik denk dat we op dat vlak klein moeten zijn en luisteren naar jullie. Ik ben er elke dag mee bezig en zit ertussen, en weet dat het je wereld op zijn kop zet.

ANNELIES: Het is inderdaad een rollercoaster. Ik zeg tegen iedereen dat ik hoop dat ze er nooit moeten zijn, maar als ze er moeten zijn zit je wel echt super goed hier in Zottegem! Het is er zo huiselijk en zo warm, je bent er geen nummer. Wij hadden zelfs een terras waar we vaak een mocktail dronken samen of een ontbijt op het terras. Ik keek er echt niet tegenop om op woensdag naar daar te gaan, want ik zo zag ik mijn bende van ellende opnieuw! We maakten er echt het beste van en ook nu nog blijven we met ons groepje afspreken.

Wat zouden jullie zeggen tegen mensen die nu aan het vechten zijn?

CAROLINE: Positief proberen blijven, maar vooral erover praten.

ANNELIES: Absoluut, dat was ook de boodschap die ik aan mijn man gaf. Hij moest me beloven dat hij erover ging praten en het niet ging opkroppen. Dat hoefde niet met mij of met een psycholoog, maar dat kon ook even goed met zijn vrienden, ouders of zus. Op donderdag gaat hij samen met zijn vrienden op café en dan vertelde hij me dat vrienden naar mij hadden gevraagd. Zo wist ik dat hij er toch over gepraat had, en die afspraak heeft echt goed gewerkt.

Bedankt voor dit positieve gesprek!